Kort verslag ‘Van wie is de stad?’

Dinsdag 11 dec. 2018

Het Wilde Westen

 

 

Lab030 is vanavond te gast in de theaterzaal van Het Wilde Westen, in de Cereolfabriek. Het Wilde Westen is een buurtinitiatief, waaraan wijkbewoners samen met de gemeente vorm hebben gegeven. Het doel hiervan is: het wijkgericht ontwikkelen, initiëren en organiseren van een aanbod van activiteiten en faciliteiten op het gebied van kunst en cultuur.

 

Cody Hochstenbach is sociaal geograaf aan de UvA. Hij heeft onderzoek gedaan naar gentrificatie. Voor hem is dat een (spontaan) proces dat zich afspeelt in arbeiderswijken: de middenklasse komt daar te wonen en knapt alles op waardoor de wijk mooier en vervolgens duurder wordt.

Oorspronkelijk een spontaan proces, sinds de jaren ’80 is het een verdienmodel voor marktpartijen en vanaf 2000 ook een overheidsstrategie. Zo werd in grote steden massaal de sociale huurvoorraad verkocht om de middenklasse woonplek te bieden. De lage inkomens betalen hiervoor de rekening. En de overheid wordt steeds zwakker als tegenwicht voor marktpartijen en is meer een facilitator van de markt geworden.

 

Om anti-segregatiebeleid daadwerkelijk door te voeren, zou je niet alleen in de arme wijken lagere en hogere inkomens moeten mengen, maar ook (of juist vooral) in de rijke wijken.

 

Hierna vertelt ruimtemaker Marit Overbeek over haar ervaringen met stadmaken van onderop, opgedaan bij ‘het bekendste niet gerealiseerde initiatief’ de Rotsoordbrug.

De ruimtemakers gaan voor meer invloed van onderop op hoe de stad gemaakt wordt. Ze voelden zich daarin gesteund door het collegeakkoord ‘Samen stad maken.’ De onderhandelingen, gesprekken en processen met ambtenaren en projectontwikkelaars bleken nogal taai, wat ervoor zorgde dat mensen ontmoedigd afhaakten. Toen zijn ze het Stadsinitiatief begonnen om dingen die ze van onderop leerden breder te delenen in te zetten in de stad. Leren door te doen. Als stadsinitiatief proberen de ruimtemakers initiatiefnemers te ondersteunen en helpen.

 

Lessons learned:

  • Initiatief nemen werkt. Als stad moet je de kennis van de initiatiefnemers gebruiken.
  • Stad: ga meer kijken in de wijken, blijf niet hangen tussen de blauwe pakken.
  • Ambtenaren hebben in crisistijd geen of te weinig eisen gesteld aan projectontwikkelaars. Zij mogen zelfbewuster optreden.
  • Initiatieven blijven klein als er niet wordt geleerd.
  • Het zou fijn zijn als de raad zich wat meer liet zien bij initiatieven. Ook ambtenaren zouden dit moeten doen.
  • Gemeente: zet je oren open voor de stem van het volk. Dit geldt niet alleen voor raadsleden, maar ook voor ambtenaren.

 

 

Kees Verschoor, strateeg bij de gemeente Utrecht, vertelt over de grote lijnen. Utrecht is de snelstgroeiende stad van Nederland. Nu wonen er 350.000 mensen, in 2040 wonen er naar verwachting 434.000.

Uit een enquete van vorig jaar blijkt dat mensen twee dingen vooral waarderen aan Utrecht, namelijk dat de groene ruimte er altijd dichtbij is en dat het een super-ontmoetingsplek is dankzij zijn centrale ligging. Conclusie: Utrecht is een super aantrekkelijke stad waar iedereen wil wonen. Vandaar dat het de snelst groeiende stad van Nederland is.

 

In 2016 is de ruimtelijke strategie vastgesteld. Uitgangspunten hierin:

  • Groei door verdichting. Compact bouwen. Hierdoor blijft het groen buiten de stad behouden. Ook gebruiken mensen in een stad minder CO2
  • Gezond stedelijk leven voor iedereen.

 

Het coalitieakkoord is vertaald in opgaven:

  • Mensen kunnen betaalbare woonplek vinden
  • Werk voor iedereen
  • Duurzame energie voor iedereen
  • Duurzame mobiliteit
  • Samenwerken in buurt, stad en regio

 

Wat gaat er gebeuren na 2030 en wat komt er op de stad af waar we rekening mee moeten houden:

  • Woningbehoefte: nog ruim 60.000 nodig in stad en 100.000 in regio
  • Arbeidsplaatsen: toename van 60-70.000
  • Groene kwaliteit
  • Energie: 200 windmolens nodig

Hoe gaan we dit organiseren?

 

Kees Verschoor ziet de volgende punten voor gesprek:

  • Welke waarden willen we vasthouden/uitbouwen in de stad
  • Welke vorm krijgt de ruimtelijke ontwikkeling?
  • Wat betekent hoge stedelijkheid voor inclusie?
  • Hoe betalen we de grote investeringen die nodig zijn voor de groei?